De tuinCompostDeze pagina bevat de volgende hoofdstukken:
InleidingAls je tuiniert heb je onmiskenbaar veel plantaardig afval. Je kunt dit zelf composteren en weer aan de tuin terug geven. Zoek een rustige afgelegen plek in de tuin niet in de zon. Graag wel wat vochtig. Gooi niet alle plantaardige afval op de hoop. Een verhoudig van eenderde stikstofhoudend (mest, keukenafval, snoeihout, bloemen, kamerplanten, gras) en tweederde koolstofhoudend (blad, stro, as, zaagsel) materiaal is goed. Niet op de hoop gooien: Snoeimateriaal van zieke planten, rozentakken, dierlijk afval, dikke takken, vetten, as uit de open haard, de kattenbakvulling. Ook onkruid niet composteren. Ideale compost krijg je met de goede temperatuur (ca. 64 graden C) en vochtigheid. Verder moet de hoop regelmatig worden omgezet. Het beste is het dat in drie stadia te doen. 1 de nieuwe compost, 2 de al wat verteerde compost, 3 de fijne schone compost klaar voor gebruik. Zeven kan in het laatste stadium ook geen kwaad. De composthoop moet een luchtige opbouw heggen. Daarom moet vooral in de eerste bak in lagen worden gewerkt, eindig altijd met een koolstoflaag. De hoop moet veel lucht krijgen anders gaat hij flink stinken en wordt veel te nat. Om dit te voorkomen moet de hoop dus met een riek van tijd tot tijd worden omgekeerd, een zwaar karwijtje. Na al het omzetten van hoop 1 naar 3 duurt het tussen een half jaar tot soms meer dan een jaar voordat de compost klaar is voor gebruik.
Nadelen: een composthoop kan
ongedierte aantrekken en het kan onaangenaam geuren. Je hebt voor grotere
stukken afval een versnipperaar nodig en die kost geld en stroom. Verder
kan je van het omzetten van de hoop allergische reakties krijgen.
|