LessenSchema bloemsierkunst
Schema bloemsierkunstBloemsierkunst is vooral het visueel, ruimtelijk, vormgevend bezig zijn met plantaardige materialen: bloemen, planten, vruchten. Bewustwording is daarom zeer bepalend. Bloemsierkunst bestaat of ontstaat uit de volgende hoofdonderdelen of factoren: Het basis schema bestaat uit zeven hoofdgroepen:
Alle onderdelen van het uitgebreide schema onder elkaar gezet geeft het volgende overzicht: 1 Waarneming; kijken, ontdekken. 2 Compositie-, vormleer; vormelementen en -begrippen, vormsymboliek, gulden snede. Stijlen in bloemwerk; stijlregels, indelingsschema's, schikwijzen (we kunnen het begrip 'stijlen' ook als een apart onderdeel zien, bedenk wel dat het in het totale design een rol speelt.) 3 Kleur; kleuraspecten, kleursymboliek. 4 Kunst; kunstgeschiedenis, architectuur, interieurkunst, mode, plantornamenten, creatieve Handvaardigheid, schilder- en beeldhouwkunst, fotografie, cultuur 5 Technieken:Steek- bind- draad- lijm- klem- vlecht- weeftechniek e.d. 6 Materiaalkennis: Levende materialen: bloemen, planten, vruchten, verzorgingsaspecten. 7 Praktijktraining; oefenen van technieken, vormen en stijlen. 8 Creativiteit; persoonlijke ontwikkeling en stelling name, ontwikkeling naar een eigen stijl en originaliteit. 9 Sensitiviteit; raffinement in waarneming en detaillering, het persoonlijke gevoel, het extra, de diepere dimensie, emotie, het erotische. 10 Experimenteren; het nieuwe, andere zoeken, een eigen signatuur ontwikkelen. Toelichting op het schema 1 WaarnemingWaarnemen gaat over kijken, de tastzin, horen, proeven en ruiken. Het gaat over het tot ons nemen van het totaalbeeld en van de details. Waarnemen gebeurt ook in samenhang met wat we al weten, met eerder opgedane kennis, met onze behoeften, voorkeuren en gevoelens. We nemen vaak selectief waar en het waargenomene beoordelen we ook in de zin van mooi of lelijk. Dit heeft te maken met een referentiekader zowel individueel als groepsgericht. Het waargenomene moet een zekere orde en harmonie bezitten wil het niet chaotisch overkomen. 2 VormgevingWat omvat het vormgevingsproces, wat zijn vormelementen en hoe kunnen ze worden toegepast. Vormgeving is het ordenen van de geselecteerde designelementen. Vormgeving heeft te maken met het volgen van regels van orde, soms in een formule vastgelegd. Er zijn hiertoe uiterlijke en inhoudelijke criteria. Er is daarbij onderscheid in: Toegepaste (gebonden) vormgeving Vrije vormgeving Compositie Vegetatief contra decoratief Vegetatief houdt in dat we schikken zoals de bloem in de natuur groeit. Maximaal is hierbij de ecologische situatie in de schikking weergegeven. De materialen worden soms groepsgewijze verwerkt en we gebruiken vaak het principe van niveauverschil in de schikking. Decoratief zijn de schikkingen waarbij het materiaal ondergeschikt in een vormgeving is gebruikt. Het wordt dan tot een kleurvlak of een vorm-, of lijnelement. Lineair bloemwerk wordt altijd gekenmerkt door lijn en ruimte. De vormgeving kan zijn met strakke lijnen of sierlijke lijnen of combinaties hiervan. Ook kruisende lijnen behoren tot de mogelijkheden. Kenmerkend blijft de lijn en de lege ruimte; vorm en contravorm. Hoe meer nadruk op de lijn, hoe grafischer het werk wordt. Parallelle schikkingen ontstaan wanneer minstens twee lijnen evenwijdig aan elkaar zijn. Het maakt niet uit of dit strakke of grillige lijnen zijn. Veelal is een parallelschikking gelijktijdig ook lineair of andersom. Het lineaire of parallelle kan zowel in de vegetatieve als in de decoratieve ordening worden toegepast. Combinatievormen komen veel voor in bloemwerk. Gulden verhouding De gulden snede is een ideale verhoudingsformule, bij het vormgeven vaak toegepast. Bij sommige stijlschikkingen zijn tradities van de ideale verhoudingen vastgelegd. Veel vindt zijn oorsprong in de gulden snede principes die al eeuwen oud zijn. De gulden snede leert ons dat als we een lijn met 0,618 vermenigvuldigen de delen een ideale verhouding hebben. Opvallend is dat dit overeenkomt met de in de bloemsierkunst vaak toegepaste verhouding 3:5. 3 KleurOmdat kleur zo direct en prominent, soms zelfs dominant, aanwezig is moeten we in het ontwerp voor het bloemstuk hier rekening mee houden. De kleurencirkel helpt mee zicht te krijgen op goede kleurencombinaties. De keuze van het kleursysteem (Itten, Gerritsen, Munsell e.a.) bepaalt sterk de uitkomst van de kleurcombinaties. De kleurkenmerken bepalen samen hoe een kleur er uit ziet. Het zijn onmisbare aanduidingen voor kleuren: kleurtoon, grijswaarde en verzadiging. Deze internationale begrippen komen van de kleurkundige Munsell. Elke bloem heeft deze drie kenmerken in zich.
Een goede kleurenharmonie is van grote waarde. Het betekent dat de combinatie van de gekozen kleuren mooi wordt gevonden. Kleur en vorm zijn nauw met elkaar verweven. De vorm wordt sterk beïnvloed door de kleur die hij heeft. Met kleuren kunnen we iemand tot ontroering, tot emotie brengen. Kleuren kunnen zowel positief als negatief ontroeren, agressie of sympathie opwekken. De bloemsierkunstenaar tracht soms zijn gevoelens via zijn bloemwerk kenbaar maken en hierdoor te communiceren. De uitstraling die een kleur of een combinatie van kleuren heeft, bepaalt voor een deel de communicatieve waarde, enkele kleurvoorbeelden in dit verband zijn: stralende kleuren, saaie kleuren, sensuele kleuren, zwoele kleuren, warme of koude kleuren, rijke of arme kleuren, juichende kleuren, snelle kleuren, terughoudende kleuren, droeve kleuren, uitdagende kleuren, enge kleuren, harde of zachte kleuren, romantische kleuren. 4 KunstKunst gaat over het scheppen van een nieuwe werkelijkheid, iets nieuws. Het kan een uiting zijn van een gevoel, een beleving, een emotie. Het is een weergave in een bepaald materiaal. Voor een schilder is dat verf, voor de bloembinder zijn dat bloemen en aanverwante materialen. Via kunstgeschiedenis neem je kennis van de historische ontwikkelingen, dus ook van wie en wat wij nu zijn. Het zijn onze wortels uit het verleden. Bloemsierkunst heeft ook een lange geschiedenis achter de rug. Hoe wij nu schikken is gedeeltelijk gebaseerd op het verleden. De eigentijdse bloemsierkunstenaar moet, wil hij een eigen stijl creëren, nieuwe vormen van kunst, van schoonheid ontdekken. De 20ste eeuw heeft vele inspirerende kunstvormen voorgebracht, zoals de Jugendstil, Art Deco, Das Bauhaus, De Stijl en Memphis. De bloemschikker kan veel leren van elke kunstvorm, klassiek, modern of avant-gardistisch. Cultuur 5 TechniekDit betreft het aanleren van vaardigheden, het gebruik van hulpmiddelen, een diversiteit aan technieken, materiaalkennis en natuurlijk het toepassen daarvan in het bloemwerk. 6 MateriaalCruciaal is het materiaal dat wordt gekozen voor het ontwerp. Wat voor karakter heeft het? Hoe ziet het er uit? Welke kleur heeft het? Wat is de structuur en de textuur ervan? Kan je het manipuleren en is het geschikt voor het arrangement? Kun je hiervan het gewenste soort bloemstuk maken. Materiaalkennis omvat levende en dode materialen die in een bloemstuk toepasbaar zijn. Elk materiaal heeft een vorm, identiteit, sfeer, karakter en uitstraling. De eisen hieruit volgend kunnen niet worden genegeerd. 7 Het feitelijke schikkenBloemschikken leer je alleen door het zelf veelvuldig en nadenkend te doen. Probeer alle technieken daarom grondig uit en probeer vormgeving en kleurcombinaties in stijlen en vrije experimentele ontwerpen tot boeiende composities te maken. 8 CreativiteitCreativiteit heeft te maken met aanleg, maar ook met intelligentie, met vermogen tot transformeren, analyse synthese en organisatievermogen, met leren chaos te veranderen in harmonie. Ik meen dat creativiteit sterk kan worden ontwikkeld. Je doet dit door veel te lezen over de vakrichting, door naar demonstraties en wedstrijden te gaan. Ook bestudering van alles rondom ons heen helpt mee zoals de natuur, architectuur, mode, sommige TV programma's. Veel ideetjes schetsen, brainstormen met jezelf of anderen en vooral het zelf schikken en uitproberen. 9 SensitiviteitDe zintuiglijke fijngevoeligheid, het raffinement in onze waarneming speelt een grote rol in de verfijnde detaillering van de schikking. Het gevoel en emotie spelen hierin een doorslaggevende rol. De schikking kan hierdoor een bijzondere emotionele uitstraling krijgen. Zonder sensitiviteit bereikt bloemsierkunst nimmer haar hoogste doel. 10 ExperimenterenOm oude conventies te doorbreken moet er worden geëxperimenteerd. Er moet worden getracht nieuwe invalshoeken te vinden in vormgeving, kleurgebruik en materiaaltoepassing. Door het experiment en vormtransformatie kan de bloemsierkunstenaar zich ontwikkelen in zijn stijl en levert een bijdrage aan de gehele bloemsierkunst. In de Avant-garde, wat voorhoede betekent in het Frans, zijn kunstenaars bezig met nieuwe vormgeving. Het is een afzetten tegen het bekende, tegen vastgelegde, vastgeroeste tradities. Het doel is nieuwe wegen zoeken, het onbekende uitdagen en uitproberen en tot synthese te komen. Het vermogen om associaties toe te passen is daarom enorm verrijkend om tot nieuwe ideeën te komen.
|