Lessen; esthetica
Stijlen in bloemsierkunst
Inleiding
Door de eeuwen heen zijn vele manieren van bloemschikken ontstaan
waaruit diverse stijlen in de bloemsierkunst tot ontwikkeling gekomen.
Deze stijlen vonden meestal hun oorsprong en aansluiting bij de
cultuurperiode waarin ze tot ontwikkeling kwamen. Cultuur, kunst en
bloemsierkunst gaan hand-in-hand bij de ontwikkeling van bloemschikvormen
en stijlen. Ook nu nog worden regelmatig nieuwe stijlen ontwikkeld. Vooral
de ontwikkeling van nieuwe alternatieve technieken leidt tot een andere
vormgeving. Enkele begrippen als inleiding op dit verhaal zijn nuttig tot
sneller begrip te komen:
Stijl
- Is een bepaalde eenheid in vormgeving, kleur en materiaal.
- Is een geheel van regels voor een bepaalde schikking of schikwijze;
stijl is eenheid in de veelheid van delen.
Stijlgroep
- Kunststroming rond Mondriaan en Van Doesburg.
- Elke groep die een bepaalde kunstzinnige stijl voorstaat.
Stijlleer
Hieronder verstaan we lessen of studie over de geschiedenis van kunst,
architectuur, kleurenleer, compositie- en vormleer. Kennis hiervan is zeer
belangrijk bij de toepassing van bloemsierkunst.
Stijlperiode
De tijd, periode, dat een bepaalde stijl centraal stond
in de bouwkunst of in andere kunsten, bijv. de Biedermeierstijl 1820-1848.
Stijlschikking
Bloemschikking gemaakt volgens de regels die voor die stijl gelden;
wordt ook wel 'Period design' genoemd.
Stijlen en vormen in bloemsierkunst
Er zijn verschillende indelingen in stijlschikkingen mogelijk. Aan elke
indeling zijn wel voor en tegens te bedenken. De meest veelomvattende is
de indeling die hier is weergegeven. Een hoofdindeling is: Klassiek;
Modern; Experimenteel.
Klassiek
Dit omvat de manieren van schikken zoals in het verleden werd gedaan of
ontwikkeld. Veel van deze manieren worden nog steeds toegepast. We kunnen
hierin een aantal vormgevende manieren ontdekken zoals:
- symmetrisch eenzijdig: klassieke driehoekschikking (gelijkbenig,
gelijkzijdig).
- symmetrisch alzijdig halfrond: compact (biedermeier), open met
tussenruimte, ajour (millefleur).
- asymmetrisch een- of alzijdig (ongelijkbenig, ongelijkzijdig).
- drijfschalen.
- S-lijn, Hogarthlijn.
- halve maanvorm en cirkelvormen.
- diagonale vormen.
- waaiervormen.
- L-vorm.
- ovaalvorm.
Modern
We gaan er hier van uit dat het de stijlontwikkelingen betreft die in
de 20ste eeuw hebben plaatsgevonden en dan met name in de tweede helft
daarvan. Het omvat veel verschillende technieken en schikvormen zoals:
Elke eigentijdse schikking met plantaardige materialen; allerlei
varianten van: vegetatief, decoratief, lineair, parallel, terrasvormen,
drijfschalen, geometrisch-decoratieve vormen, diagonale, horizontale,
verticale en kruisende komposities. Maar ook vlechtsels, bindsels, frames,
weefsels en dergelijke.
Experimenteel
Iets nieuws doen, het onbekende aangaan leidt al snel tot
experimenteren. Veel nu bekende stijlen zijn ontstaan vanwege een
experiment. We kunnen een onderscheid maken in:
- Vrije expressievormen, trends, bindsels, rijg-, vlecht-, klem-,
lijm-, en weeftechnieken; stapelingen, florale objecten e.d.
- Avant-garde vormt een aparte wijze van experimenterend schikken.
Stijlen indelen kan ook in:
A - symmetrisch: klassiek, modern, experimenteel;
B - asymmetrisch: modern, experimenteel (avant-garde).
Overige indelingen:
- Eenzijdig, Alzijdig, Tweezijdig;
- Decoratief, Vegetatief;
- Massa, Lijn, Massa-Lijn; Garden; Lineair, Parallel; Thematisch;
Symbolisch; Stijlschikkingen; Oosterse stijlen; Combinatievormen;
- Geschoren vormgeving of opengewerkte vormgeving.
Er zijn nogal wat indelingen mogelijk. Allen hebben voor-, en nadelen.
Maar samen geven zij toch een vrij compleet beeld van de mogelijkheden.
terug overzicht lessen
|